Testen en meten algemeen

Het is zinvol om als coach je horizon te verbreden en ook te kijken hoe en wat er bij andere sporten wordt gedaan. Waar maken ze gebruik van? Wat zijn hun trainingsroutines? Wat verteld de wetenschap over de sport? In het korfbal is nog weinig wetenschappelijk onderzoek verricht. Bondscoach Wim Scholtmeiier verzamelt de laatste jaren met zijn staf wel steeds meer data waar we op termijn als sport van kunnen gaan profiteren.
Ben Crum heeft in 2009 de korfbaltypes Tiger, Panther, Wolf en Beer geïntroduceerd als aanvallende rollen en de Guard, Hunter, Guerilla en Center voor de verdedigende rollen.

COM, ASM, grofmotorische eigenschappen

Om de fysieke eigenschappen van spelsporters te testen is het van belang om sportspecifieke veldtesten af te nemen waarbij voortdurend geaccelereerd en gedeceleerd moet worden. Bovendien zal men explosief moeten kunnen wenden, keren en draaien met daaraan gekoppeld een versnelling. Dit vergt veel uithoudingsvermogen (aëroob en anaëroob), veel kracht en a-cyclische snelheid.

 

 

Als we kijken naar de vijf Conditions Of Movement en deze koppelen aan mogelijke testen of metingen dan zou dit er als volgt uit kunnen zien.

Agility (behendigheid/wendbaarheid)

Agility betekent letterlijk behendigheid en is voor een spelsport als korfbal cruciaal. Het trainen van de Agility kan bijvoorbeeld met een Speed & Agility Programma. Testen om de Agility te meten zijn bijvoorbeeld de Agility T-Test, Illinois Agility Test of Line Drill Test (wenden en keren)
of de 10x5m sprint (acceleratievermogen).

Flexibility (lenigheid)

Lenigheid is primair niet de belangrijkste condition of movement voor korfballers. Het is wel een zekere basisvoorwaarde. Bewegingsuitslag in graden is de belangrijkste indicator welke gemeten kan worden middels een Sit en Reach test of door het specifiek meten van de beweeglijkheid van verschillende gewrichten met een zogenaamde goniometer.

Stability (houding/balans)

Coördinatie is de organisatie en besturing van het motorische systeem. Uitvoering van complexe taken is de belangrijkste indicator. Oefeningen hiervoor kunnen terugkomen in bijvoorbeeld een programma voor Core & Strength Training. Om dit te meten kan men gebruik maken van videoanalyse of de Side Plank Test.

Power (kracht/snelheid)

Er zijn 3 factoren die zorgen voor krachttoename: een verbeterde aansturing, effectiever gebruik van spiervezels en toename dikte spiervezels (hypertrofie). Middels Core & Strenght Training kun je hier specifiek aandacht aan schenken en de belasting gradueel opvoeren gedurende het seizoen. De kracht meten bij korfballers kan bijvoorbeeld met de Side Plank Test of Counter Movement Jump.

Snelheid is gedeeltelijk genetisch bepaald, maar is grotendeels trainbaar . Grofweg bestaan er twee typen spiervezels:

  • Type I Slow Twitch (Aeroob)
- Weinig kracht, veel uithoudingsvermogen
  • Type II Fast Twitch (Anaeroob)
- Veel kracht, weinig uithoudingsvermogen

Tijd is de belangrijkste indicator waar met testen naar gekeken wordt.
 Te denken valt aan bijvoorbeeld de RAST, Agility T-Test (wenden en keren)
of de 10x5m sprint (acceleratievermogen).

Endurance (uithoudingsvermogen lokaal en algeheel)

Hierbij gaat het bijvoorbeeld om een inspanning fysiek of mentaal zo lang mogelijk volhouden, of na een inspanning zo snel mogelijk herstellen.
De hartfrequentie en VO2max zijn hierbij de belangrijkste indicatoren. Dit kan bijvoorbeeld gemeten worden met de Interval Shuttle Run Test (ISRT). Deze is voor spelsporters beter dan de reguliere Shuttle Run Test.

Print Friendly, PDF & Email